In de anatomie is de anus (Lat. "ring", "kringspier"; ook wel aars) de uitmonding van de endeldarm.
De anus bestaat uit twee tussen de billen ingebedde sluitspieren (sphincters), namelijk een uitwendige dwarsgestreepte sluitspier, de sphincter ani externa, die willekeurig kan worden bediend, en een inwendige sluitspier, de sphincter ani interna, die uit glad spierweefsel bestaat en onwillekeurig is. Verder is de anus goed doorbloed en lopen er grote aders doorheen.
Onverteerbare resten van de voeding, door de lever uitgescheiden galkleurstoffen, afgestoten slijmvliescellen en bacteriën die in darmen zijn gegroeid worden door de anus als ontlasting uit het lichaam verwijderd.
De huid van en rond de anus is, net als de lippen, dicht bezet met gevoelszenuwen. De anus wordt tot de erogene zones gerekend, want aanraking kan vaak tot seksuele opwinding aanleiding geven. Sommige mensen, en zeker niet alleen homoseksuelen, houden dan ook van anale seks.
Veel voorkomende anale aandoeningen zijn onder andere aambeien, fissuren, fistels, eczeem en schimmelinfecties van de perianale huid.
| Maag-darmstelsel | |
|---|---|
|
Mond - Pharynx - Slokdarm - Maag - Alvleesklier - Galblaas - Lever - Dunne darm - Dikke darm - Endeldarm - Anus |
| Uitwendige delen van het menselijk lichaam | |
|---|---|
|
Huid |