Stofwisseling, ook wel metabolisme genoemd (uit het Grieks: μεταβολισμός "metabolismos" = verandering of omzetting), is het geheel van biochemische processen die plaats vinden in cellen en organismen. Enzymen spelen hierbij een centrale rol.
Inhoud |
De stofwisseling heeft onder meer de volgende functies
Metabolisme kan onderverdeeld worden in katabolisme en anabolisme:
Strikt genomen zijn metabolieten de producten van stofwisselingsprocessen. De term metabolieten wordt echter meestal alleen gebruikt voor kleine moleculen, zoals glucose en aminozuren.
Er wordt soms ook een onderscheid gemaakt tussen primair en secundaire metabolieten. Secundaire metabolieten zijn niet noodzakelijk voor het overleven van het organisme, maar dragen wel bij tot zijn overlevingskansen. Zo zijn de aminozuren waaruit eiwitten worden opgebouwd voorbeelden van primaire metabolieten, maar het alkaloïde nicotine daarentegen een secundaire metaboliet in bepaalde planten.
De stofwisseling van autotrofe organismen is gebaseerd op de assimilatie met een externe energiebron, via fotosynthese of chemosynthese.
De stofwisseling van heterotrofe organismen is gebaseerd op energie die wordt verkregen door afbraak van hoogenergetische verbindingen uit de omgeving; vaak koolwaterstoffen en andere verbindingen die door assimilatie in andere organismen zijn gemaakt.
Metabolisme wordt ook als rekenwaarde gebruikt in de klimaattechnologie, om de warmteafgifte van een mens te bepalen is er voor het metabolisme een grootheid in het leven geroepen.
Het Metabolisme varieert met de activiteit van een persoon en wordt uitgedrukt in de eenheid met, waarbij geldt dat 1met = 58,2Watt.
De met is gedefinieerd als de geproduceerde warmte per m2 gemiddeld persoon in rust. De gemiddelde persoon heeft een oppervlakte van 1,8m2. De gemiddelde warmteproductie per persoon ligt dus op 105Watt.