Netencyclo, The wikipedia mirror - Nederlandstalige Encyclopedie : Noord-Germaanse talen

- Noord-Germaanse talen -

Noord-Germaanse talen :

Noord-Germaanse talen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken
Noord-Germaanse talen
Vasteland-Scandinavische talen:

██ Deens

██ Noors

██ Zweeds

Eiland-Scandinavische talen:

██ IJslands en Faeröers

De Noord-Germaanse of Scandinavische talen zijn het Deens, het Noors (Bokmål en Nynorsk), het Zweeds, het IJslands en het Faeröers.

De Noord-Germaanse talen zijn nauwer verwant met de Oost-Germaanse dan met de West-Germaanse. Het Noord-Germaans is bekend van runeninscripties vanaf de 3e eeuw na Chr. Er is een literaire taal vanaf de 9e eeuw.

De vasteland-Scandinavische talen (Deens, Noors en Zweeds) zijn tot op zekere hoogte onderling verstaanbaar.

Inhoud

[bewerk] Begripsverwarring

In Scandinavië zelf slaat de term Scandinavische talen alleen op het Deens, het Noors en het Zweeds. De gehele groep van Noord-Germaanse talen, dus met inbegrip van het Faeröers en het IJslands, wordt er Noordse talen genoemd.

[bewerk] Indelingen

De taalwetenschap gebruikt verschillende indelingen van de Noord-Germaanse talen in de verschillende taalperiodes.

Vóór het jaar 1100 was er één enkele Noord-Germaanse taal (dǫnsk tunga, Oudnoords), die echter enkele dialectverschillen had. Dus maakt men voor die periode een onderscheid tussen het Westnoords en het Oostnoords: [1]

Daarna groeiden het Deens en de andere talen uit elkaar zodat men van ongeveer 1100 tot ongeveer 1300 een andere indeling kan aannemen: [1]

In de late middeleeuwen ontwikkelden zich de Noord-Germaanse talen nogal verschillend: in het Faeröers en het IJslands bleven de oude taalstructuren goeddeels bewaard, terwijl ze in het Deens, het Noors en in het Zweeds sterk vereenvoudigd werden. Vanaf ongeveer 1500 kan men dus een derde indeling van de Noord-Germaanse talen aannemen: [1]

Deze indelingen zijn geen genetische stambomen in het kader van de stamboomtheorie. Ze beschrijven gelijkenissen tussen talen van een bepaalde periode. Wanneer deze talen sterk veranderen, worden de gelijkenissen tussen deze talen dan ook groter of kleiner zodat wellicht een nieuwe indeling tot stand komt.

[bewerk] Grammatica

[bewerk] Alfabet

Naast de 26 letters van het Nederlandse alfabet kennen de Scandinavische talen een aantal extra letters:

[bewerk] Woordvolgorde

Zoals in het Nederlands staat de persoonsvorm van het werkwoord altijd op de tweede plaats in de zin. Vergelijk (voorbeelden in het Zweeds en Deens):

Het hoofdwerkwoord komt echter vóór het lijdend voorwerp:

Een belangrijke afwijking met de Nederlandse woordvolgorde is de plaats van het woordje niet (Het Zweedse inte/ej, Deense ikke/ej, Noorse ikke/ikkje etc.):

[bewerk] Zelfstandige naamwoorden

Kenmerkend voor de Noord-Germaanse talen is dat het bepaald lidwoord aan het zelfstandig naamwoord geplakt worden. Dit heet aangehecht lidwoord. Het IJslands heeft als enige van de vijf talen geen onbepaald lidwoord. Een voorbeeld:

Nederlands IJslands Faeröers Nynorsk Bokmål Deens Zweeds
een jongen strákur ein drongur ein gut en gutt en dreng en pojke
de jongen strákurinn drongurin guten gutten drengen pojken
jongens strákar dreingir gutar gutter drenge pojkar
de jongens strákarnir dreingirnir gutane guttene drengene pojkarna

Het IJslands en het Faeröers kennen bovendien vier naamvallen zoals het Duits. Het Deens, het Noors en het Zweeds kennen alleen de s-genitief zoals in het Nederlands, met het verschil dat de s-genitief in de Noord-Germaanse talen bij alle zelfstandige naamwoorden en in het Nederlands vrijwel alleen bij persoonsnamen wordt gebruikt.

Annas bok = Anna's boek of het boek van Anna
bokens titel = de titel van het boek (letterlijk: het boeks titel)

De Noord-Germaanse talen kennen ook een voorzetsel "van" (Deens, IJslands: af; Faeröers, Noors, Zweeds: av), maar dat wordt in de regel niet gebruikt om een bezitsverhouding aan te duiden.

In met name het Noors bestaat de neiging om de s-genitief te vermijden en in plaats daarvan een omschrijving met het voorzetsel til of een constructie met het bezittelijk voornaamwoord sin te gebruiken, bijvoorbeeld:

boken til Anna = het boek van Anna
Anna sin bok = Anna d'r boek

De s-genitief wordt in alle Noord-Germaanse talen ook nog regelmatig gebruikt in vaste uitdrukkingen met het Deens/Noorse voorzetsel til en het Zweedse voorzetsel till dat in het Nederlands iets als naar, tot of ter betekent.

Noors en Deens: Hun er dårlig til bens.
Noors en Deens: Velkommen til bords.
Zweeds: Välkommen till bords.
Zweeds: Vi drar till skogs.

Betekenissen: Zij is slecht ter been. Welkom aan tafel. Wij gaan naar het bos.

[bewerk] Werkwoorden

De werkwoorden hebben tijden vergelijkbaar met die in het Nederlands, Duits en Engels (tegenwoordige tijd, verleden tijd, enzovoorts). In het Noors, Deens en Zweeds is er slechts één vorm voor alle personen (ik, jij, hij, wij, jullie). In het IJslands en het Faeröers is dit niet het geval. Vergelijk het IJslandse en Deense werkwoord "hebben".

IJslands:

ég hefi (ik heb)
Þú hefur (jij hebt)
hann hefur (hij heeft)
við höfum (wij hebben)
Þið hafið (jullie hebben)
Þeir hafa (zij hebben

Deens:

jeg har (ik heb)
du har (jij hebt)
han har (hij heeft)
vi har (wij hebben)
I har (jullie hebben)
de har (zij hebben)

De lijdende vorm kan gemaakt worden op twee manieren, zoals in dit Zweedse en Deense voorbeeld:

De kip wordt geslacht:

In het Zweeds: kycklingen blir slaktad of kycklingen slaktas
In het Deens: kyllingen bliver slagtet of kyllingen slagtes

De -s-vorm wordt als stijlvoller of formeler gezien.

De -s-vorm in de verleden tijd wordt in het Zweeds ook vaak gebruikt voor dingen waar wij in het Nederlands is ge- voor zouden gebruiken:

Dit boek is geschreven door -- Den här boken skrevs av ... (let.: Dit hier boek werd geschreven door...)

[bewerk] Partikels

Werkwoorden kunnen uit twee delen bestaan, waarbij het tweede deel, het partikel een bijwoord of voorzetsel is dat het werkwoord een andere betekenis geeft. Het partikel kan bij werkwoordsvormen van plaats veranderen. Bijvoorbeeld:

Nederlands Zweeds Bokmål Nynorsk Deens
aanzetten sätta på slå på setje på tænde for
aangezet påsatt slått på påsat

[bewerk] Bronnen

  1. ^ a b c Odd Einar Haugen, Grunnbok in norrønt språk, 2. utgåve, Gyldendal, Oslo 1995, ISBN 82-417-0506-9
Indo-Europese talen > Germaanse talen >
Noord-Germaanse talen: West-Germaanse talen: Oost-Germaanse talen:
Deens | Faeröers | IJslands | Noors | Norn* | Zweeds Afrikaans | Duits | Engels | Fries | Jiddisch | Luxemburgs | Nederlands | Nedersaksisch | Scots Bourgondisch* | Gotisch* | Vandaals* | Krimgotisch*
* = Uitgestorven taal

Noord-Germaanse talen - Recente sterfgevallen

Noord-Germaanse talen - Actueel

© 2008 Netencyclo - Netencyclo Hoofdpagina - Voorbehoud - Privacybeleid - Program Policies
Netencyclo, the Wikipedia mirror : the biggest multilingual free-content encyclopedia on the Internet. Deze pagina is het laatst bewerkt op 31 mrt 2007 om 23:58. De tekst op Wikipedia is zonder enige vorm van garantie beschikbaar onder de GNU Free Documentation License. All Wikipedia content is licensed under the GNU Free Documentation License (see details). Content on this web site is provided for informational purposes only. We accept no responsibility for any loss, injury or inconvenience sustained by any person resulting from information published on this site. We encourage you to verify any critical information with the relevant authorities.