Het Noordereiland (Engels: North Island, Maori: Te Ika-a-Māui) is één van de twee grote eilanden waaruit Nieuw-Zeeland bestaat. Het andere grote eiland is Zuidereiland en wordt daarvan gescheiden door de Straat Cook. Naast deze twee eilanden bestaat Nieuw-Zeeland uit een groot aantal kleinere eilanden.
Qua oppervlakte neemt het Noordereiland de 14de plaats in op de ranglijst van grote eilanden wereldwijd. Van noord naar zuid meet Noordereiland maximaal 800 km en de breedte maximaal 400 km. Het heeft een oppervlakte van 114453 km² en het hoogste punt is 2797 m. Het landschap wordt gedomineerd door vulkaankegels en vulkanen waarvan er een aantal nog actief zijn. Het ligt op de Indisch Australische plaat. De natuurlijke haven van de hoofdstad Wellington is een ondergelopen caldera, net zoals het grootste meer van Nieuw-Zeeland bij Taupo. Verder zijn er veel geisers en warmwaterbronnen te vinden.
Ongeveer 75% van de totale Nieuw-Zeelandse bevolking woont op het Noordereiland. De grootste steden zijn:
Op het eiland komen de volgende zoogdieren voor: