Parmenides (Elea, rond 540 v.Chr.) was een Griekse filosoof. Hij stelde waarheid en weten tegenover schijn en voorstelling. Men denkt dat Parmenides een leerling was van Xenophanes.
Eerst was Parmenides een aanhanger van het pythagorisme, maar later kwam hij tot een volkomen eigen inzicht, dat hij in een leerdicht uiteengezet heeft. Het bestond uit twee delen: De weg der waarheid en De weg der mening (gedeeltelijk bewaard).
Volgens Parmenides kom je alleen via de rede echt iets te weten. Een probleem is echter dat de rede leert dat je alleen een Zijn kunt denken, niet een niet-Zijn.
Het Zijn is ruimtelijk; er is dus geen lege ruimte mogelijk, en bijgevolg ook geen beweging, want als een voorwerp zich ergens heen zou bewegen zou daar eerst lege ruimte moeten zijn.
Ook worden is uitgesloten: dat wat worden gaat, is tevoren nog niet. Alle verandering is maar schijn. Het werkelijk zijnde ontstaat niet, verandert niet, gaat niet verloren, kent geen veelheid of verscheidenheid: het is één en ondeelbaar. Alles heeft kortom altijd bestaan, en niets verandert. Alles wat lijkt op verandering of beweging, vindt plaats binnen een gesloten systeem.
Tegenover het Zijnde staat niets, dus ook niet het denken. "Denken en Zijn is één en hetzelfde."
Parmenides stelde dat, dat wat niet is, niet kan bestaan. Om aan iets te denken wat niet bestaat, moet men aan iets denken. Er moet een bepaald idee in de geest aanwezig zijn. Wat is het verschil tussen bestaan in de wereld en bestaan in de geest?
Omdat Parmenides meende dat denken aan iets, dat iets een vorm van bestaan geeft, is het dus onmogelijk te denken aan iets wat helemaal niet is. En dus kan men alleen maar denken aan dat wat is.
Denken aan iets dat is, impliceert het bestaan van iets wat niet is (als iets groen is, is het niet rood. als iets een mens is, is het geen hond) Maar omdat Parmenides met zijn eerdere redenering heeft aangetoond dat claims van niet bestaan onmogelijk zijn, kunnen we ook geen claims van wel bestaan maken.
We kunnen dus geen onderscheid maken tussen de verschillende dingen in de wereld. Het enige wat we kunnen zeggen, stelt Parmenides, is dat alles is en dus moet de ware aard van de werkelijkheid (dat wat is, het zijn) een ondeelbare, homogene, enkele entiteit zijn. Ook verandering is onmogelijk, stelt hij. Als men aan iets dat in de toekomst zal bestaan kan denken, dan moet het nu al in de geest bestaan. Als men zich iets uit het verleden kan herinneren, dan moet het in de geest aanwezig zijn op het moment van denken. En dus, zijn ontstaan en verdwijnen een illusie: alles is één, ondeelbaar, onveranderlijk en eeuwig.
Parmenides is voor latere tijden belangrijk, niet vanwege de onmogelijkheid van de verandering, maar wel vanwege de idee dat de substantie eeuwig en onveranderlijk is: het ding is datgene wat hetzelfde blijft onder wisselende omstandigheden. Dit zou, om te beginnen met de ideeënleer van Plato, een basisidee worden voor filosofie, psychologie, natuurwetenschap en theologie.
| Wikiquote heeft een collectie citaten gerelateerd aan Parmenides. |