| 中华人民共和国 Zhōnghuá Rénmín Gònghéguó |
|||
|
|||
| Basisgegevens | |||
| Officiële landstaal: | Mandarijn en andere Chinese talen | ||
| Hoofdstad: | Peking | ||
| Regeringsvorm: | Volksrepubliek | ||
| Religie: | Boeddhisme 8%, Taoïsme 1-2%, Christelijk 3-4%, Moslim 1-2% | ||
| Oppervlakte: | 9.596.961 km² [1] (2,8% water) | ||
| Inwoners: | 1.242.612.226 (2000[2]), 1.330.044.605 (2008[3]) (138,6/km² (2008)) | ||
| Bijv. naamwoord: | Chinees | ||
| Inwoneraanduiding: | Chinees | ||
| Overige | |||
| Volkslied: | Mars van de vrijwilligers | ||
| Munteenheid: | Renminbi (CNY) |
||
| UTC: | +8 | ||
| Nationale feestdag: | Verjaardag van het ontstaan van de Volksrepubliek China, 1 oktober (1949) | ||
| Web | Code | Tel. | .cn | CHI | 86 | ||
| Voorgaande staten | |||
| ← |
|||
| Topografie | |||
De Volksrepubliek China (Chinees: 中华人民共和国), gewoonlijk China genoemd is een land in Oost-Azië.
Als men spreekt van Continentaal China, dan bedoelt men het vaste land van China, zonder Hongkong en Macau.
Met een bevolking van 1.330.044.605 (2008) is het qua inwoners het grootste land (voor India) en met een oppervlakte van 9.596.961 km² is het land vierde qua oppervlakte (na Rusland, Canada en de Verenigde Staten[4]).
Inhoud |
China is een van de vroegste centra van beschaving en wordt vrij vroeg in de wereldgeschiedenis een groot verenigd land met een geavanceerde cultuur op het vlak van kunst en wetenschap.
Juist op het ogenblik dat in Europa de aandacht voor Aziatische culturen toenam, stagneerde de cultuurgroei in China. Europa begon Azië te beconcurreren op het vlak van wetenschap en technologie. Uiteindelijk dwong het imperialisme van Europa China in een defensieve positie.
Het einde van de Tweede Wereldoorlog bracht geen vrede in China: het land verviel in de Chinese burgeroorlog tussen communisten en de Kwomintang. Deze burgeroorlog werd in 1949 door de communisten gewonnen. Sindsdien is China een communistische staat. De leider van deze staat werd Mao Zedong, de partijleider van de Communistische Partij van China.
Met hulp van de Sovjet-Unie begon Mao de Chinese economie, met nadruk op zware industrie, te ontwikkelen. Hij wilde echter ook laten zien dat China behalve economisch ook militair een grootmacht was: in de Koreaanse Oorlog verdreven Chinese legers de NAVO uit Noord-Korea, terwijl in 1950 tevens Tibet bezet werd, dat sinds 1918 feitelijk onafhankelijk was van China.
Een grote economische stap, de Grote Sprong Voorwaarts, mislukte: Mao Zedong leed hierbij veel gezichtsverlies. Een tweede campagne genaamd de Culturele Revolutie resulteerde in drie jaar politieke chaos die door het Volksbevrijdingsleger werd onderdrukt. Hierna kwamen gematigde communisten zoals Deng Xiaoping aan de macht, die China een kapitalistisch trekje gaven.
In de jaren 60 en 70 verslechterden de betrekkingen met de Sovjets. China veroordeelde openlijk de Sovjet-inval in Afghanistan en er werd in Mandsjoerije een korte grensoorlog uitgevochten.

| Enkele namen in China's officiële minderheidstalen | |
|---|---|
| Zhuang (taal): | Cunghvaz Yinzminz Gunghozgoz |
| Mongools: | Бүгд Найрамдах Хятад Ард Улс |
| Tibetaans: | རྒྱ་ནག |
| Oeigoers: | Xitay |
| Kazachs: | Қытай Халық Республикасы |
| Russisch: | Кита́йская Наро́дная Респу́блика |
| Koreaans: | 중화인민공화국 |
| Thais: | สาธารณรัฐประชาชนจีน |
| Vietnamees: | Cộng hòa Nhân dân Trung Hoa |
Bij het begin van de 20e eeuw telde China 400 miljoen inwoners; dat aantal is nu verdrievoudigd [5].
China telt in totaal 1.330.044.605 (2008) inwoners en is daarmee de natie met de grootste bevolking van de wereld. Ongeveer 20% van de wereldbevolking komt dan ook uit China.
De bevolking van de Volksrepubliek China bestaat voor circa 92% uit Han-Chinezen, genoemd naar de Han-dynastie. De niet-Han groepen vertegenwoordigen slechts ongeveer 8% van de bevolking, maar de binnenlandse gebieden waarin zij leven vormen meer dan de helft van het totale gebied van het land.
De overheid heeft 56 officiële etnische groepen van de Volksrepubliek China onderscheiden, met ieder een eigen cultuur en levenswijze.
De grootste niet-Han minderheden zijn:
| Naam (taal-varianten) | ||||||||||||||
| Traditioneel | 中華人民共和國 | |||||||||||||
| Vereenvoudigd | 中华人民共和国 | |||||||||||||
| Hanyu pinyin | Zhōnghuá Rénmín Gònghéguó | |||||||||||||
|
||||||||||||||
In China worden meerdere talen en dialecten gesproken. Mandarijn Chinees (de basis van de nationale taal van China) wordt het meest gesproken, door de Han-Chinezen, een taalkundig homogene groep in het noorden.
In het zuiden worden Kantonees, Wu, Hakka, Tibetaans en veel andere talen/dialecten gesproken. Kantonees komt het meeste voor in zuidelijk China. Zie ook: Chinese talen.
Alleen al in de provincie Fujian worden 108 dialecten gesproken.
De geschreven taal is universeel; de Chinese ideografen (of karakters) zijn gemeenschappelijk voor alle dialecten, de uitspraak is echter verschillend.
De grondwet van de Volksrepubliek China voorziet in godsdienstvrijheid, maar godsdienstbeoefening wordt niet aangemoedigd. China heeft vijf officieel door de staat erkende religies: boeddhisme, taoïsme, islam, protestantisme en katholicisme.
Traditioneel werden het confucianisme, het boeddhisme, taoïsme en de voorvaderverering uitgeoefend. Deze godsdiensten hebben een heropleving ervaren. De islam wordt voornamelijk in het westen beoefend. Er is ook een kleine maar groeiende christelijke minderheid. De laatste jaren zijn er vele confrontaties tussen de Chinese overheid en godsdienstige groepen, vnl. christenen, geweest. Enkele niet-geregistreerde christelijke kerken (Ondergrondse rooms-katholieke kerk in China) en traditionele sekten zijn verboden, sommige leiders van dergelijke groepen zijn veroordeeld tot de dood. Voor de grote minderheid van katholieke Chinezen werd in 1957 de staatskerk 'Chinese Katholieke Patriottische Vereniging' opgericht, tijdens de Culturele Revolutie werd deze communistisch gecontroleerde organisatie echter ook verboden, tot eind jaren '70. Orthodox-islamitische praktijken (vnl. in Westelijk China) zijn afgeraden of onderdrukt uit vrees dat zij een voedingsbodem voor separatisten uit de moslim-minderheid zouden zijn. In 1999 verbood de overheid de Falun Gong (groep van de boeddhistische wet). Vele Falun Gong-aanhangers werden vervolgd, opgesloten en vermoord.
De Volksrepubliek China bestaat officieel uit 23 provincies, waarvan er 22 liggen op het vasteland. De status van de 23e provincie, Taiwan, blijft internationaal omstreden.
Verder bestaat de Volksrepubliek uit vijf autonome gebieden:
In 1997 werd de Britse kroonkolonie Hongkong een deel van de Volksrepubliek en verkreeg de status van een speciaal bestuurlijke regio. Met de Portugese kolonie Macao gebeurde in 1999 hetzelfde.
China heeft een kustlijn van 6400 km die grenst aan de Gele Zee, de Oost-Chinese Zee en de Zuid-Chinese Zee.
Het is in het oosten verder begrensd door Rusland en Noord-Korea, in het noorden door Rusland en Mongolië, in het westen door Tadzjikistan, Kirgizië, Kazachstan, Pakistan en Afghanistan, en in het zuiden door India, Nepal, Bhutan, Myanmar, Laos en Vietnam.
China kan in de volgende geografische gebieden worden onderverdeeld:
De hoofdstad van China is Peking.
China bestaat uit vijf overheid-gecontroleerde gemeenten:
Sjanghai is met 17 miljoen inwoners de grootste stad van het land en daarmee in bevolkingsaantal de 7e metropool van Azië, en de 13e van de wereld.
Hongkong is een bijzondere bestuursregio van China en behoort sinds 1997 weer tot China.
China is een éénpartijstaat met absolute macht die bij de Communistische Partij van China ligt. Er zijn acht kleinere partijen, maar deze staan allen onder de controle van de Communistische Partij van China (zie verder). De wetgevende macht is het Nationaal Volkscongres, bestaande uit afgevaardigden die voor termijnen van vijf jaar worden gekozen. De minimum kiesleeftijd is 18 jaar. Het congres beslist over de nationale economische strategie en kan de grondwet van China veranderen. Het volgt normaal gesproken de richtlijnen van de Communistische partij. China heeft een premier, die regeringshoofd is, en een president, die staatshoofd is. China is in de jaren '70 begonnen een modern rechtssysteem in het werk te stellen.
China is een volksrepubliek, en het politieke klimaat heeft zeer sterke trekken van het communisme. De staatsmacht is verdeeld in drieën: de partij, de staat en het leger. De grondslagen van de Chinese staatsinrichting zijn vastgelegd in de grondwet van 1982. Belangrijke wijzigingen in die grondwet vonden in 1993 plaats toen de zinsnede "dictatuur van het proletariaat" werd vervangen door "dictatuur van het volk" en het begrip "socialistische markteconomie" werd geïntroduceerd.
Het nationale parlement van China draagt de naam Nationaal Volkscongres. De ca. 3000 leden worden om de vijf jaar gekozen en het congres komt ten minste één maal per jaar bijeen. De afgevaardigden worden gekozen door de provincies, de zelfbesturende gebieden ("Autonome Regio's") en andere besturen. Het Nationaal Volkscongres ziet toe op de naleving van de grondwet, het kan de oorlog verklaren, maar ook een vredesverdrag bekrachtigen, het moet haar goedkeuring geven aan het economisch beleid van de regering en moet de jaarlijkse staatsbegroting goedkeuren. Het Volkscongres kiest een uit 150 personen bestaand Permanente Comité van het Nationaal Volkscongres, dat tussen de zittingen van het Nationaal Volkscongres in, de taken van dit Nationaal Volkscongres waarneemt. Het Permanente Comité kent uitgebreide bevoegdheden en kan o.a. het kabinet (Staatsraad) ontbinden, buitenlandse verdragen ontbinden en onjuiste beslissingen van provinciale raden terugdraaien. De voorzitter van het Permanente Comité van het Nationale Volkscongres is een vrij machtig persoon en in sommige opzichten lijkt zijn functie op dat van en plaatsvervangend staatshoofd. (Bron: Encarta '98)
Het staatshoofd van China is de president (Zhuxi) (vroeger "voorzitter (Zhuxi) van de Volksrepubliek China" genaamd, verg. Mao Zedong). Tijdens de tweede helft van de jaren '70, na de Culturele Revolutie en de dood van Mao, was het ambt van president vacant. Nadien werd het in 1978 hersteld. Het presidentsambt op zich is niet echt machtig, maar nadat het in 1993 door Jiang Zemin werd gecombineerd met het partijleiderschap van de communistische partij, steeg de aanzien van het ambt. Ook de huidige president, Hu Jintao combineert het presidentschap van de volksrepubliek met dat van secretaris-generaal van de CCP. De president wordt door het Nationaal Volkscongres gekozen.
De Staatsraad is het kabinet van de Volksrepubliek China. De voorzitter van het kabinet is de premier. Huidige premier is Wen Jiabao. Zitting in de staatsraad hebben: de premier, de vicepremiers, de ministers en de ministers die aan het hoofd van commissies staan (zoals de Staatsplanningcommissie). De Staatsraad wordt door het Nationaal Volkscongres gekozen, welke ook bevoegd is het kabinet te ontbinden.
China kent volgens de grondwet 5 Autonome Regio's. De regio's zijn reeds in 1949 in het leven geroepen. Deze Autonome Regio's zijn reeds genoemd onder het kopje "Geografie". De autonomie is betrekkelijk en besluiten genomen door de autonome regeringen kunnen worden gecorrigeerd of worden teruggedraaid door het Permanente Comité van het Nationaal Volkscongres. Deze Autonome Regio's zijn onafscheidbare delen van China. Hongkong en Macau kennen een status aparte, iets wat Taiwan (in de ogen van de Chinese overheid een afvallige provincie) ook wordt aangeboden door de Chinese overheid mocht het zich vrijwillig weer bij China aansluiten.[6]
De machtigste partij van de Volksrepubliek China is de Chinese Communistische Partij (CCP). De partij telt 63 miljoen leden. De partij domineert en controleert de Chinese maatschappij.
De organen van de CCP:
Naast de Chinese Communistische Partij telt de Volksrepubliek China nog acht partijen:
De Chinese Democratische Partij is illegaal, maar wel actief.
In Hongkong zijn nog tal van andere partijen actief. Deze partijen zijn erkend door de Chinese overheid en als zodanig legaal.
Hoewel China nog een land in ontwikkeling is met een vrij laag inkomen per hoofd van de bevolking, heeft het een enorme economische groei ervaren sinds de jaren '70. Dit is voor een groot deel het resultaat van een economisch liberaliseringsbeleid. Het BBP is tussen 1978 en 1998 met 400% gestegen en de buitenlandse investeringen groeiden enorm tijdens de jaren '90. De uitdaging van China in de 21e eeuw zal zijn het hoogst gecentraliseerd politiek systeem met een steeds gedecentraliseerder economisch systeem in evenwicht te brengen.
De landbouw is veruit de belangrijkste sector: meer dan de helft van de Chinezen werkt in deze sector. Toch beperkt de landbouwgrond zich tot circa 10% van het totale Chinese landoppervlak, mede als gevolg van het ruwe, hoge terrein en grote dorre gebieden, vooral in het westen en noorden. Sinds de jaren '70 heeft China de landbouw gedecollectiviseerd, hetgeen een enorme productiegroei heeft opgeleverd. Zelfs met deze verbeteringen vertegenwoordigt de landbouw slechts 20% van het bruto nationaal product van de natie. Ondanks aanvankelijke stijging van de inkomens van landbouwers in de vroege jaren '80 hebben de belastingen en de prijzen het landbouwberoep minder aantrekkelijk gemaakt.
China is de grootste rijst- en tarweteler van de wereld en een belangrijke producent van sorghum, gierst, gerst, pinda's, graan, sojabonen en aardappels. China is verder de grootste producent van katoen en tabak en is een belangrijke producent van oliezaad, zijde, thee, ramee, jute, hennep, suikerriet en suikerbieten.
China is één van de belangrijkste mineraalproducerende landen van de wereld. De steenkool is het overvloedigste mineraal (China is de grootste steenkoolproducent van de wereld). Belangrijke uitvoermineralen van China zijn wolframiet, antimonium, tin, magnesium, molybdeen, kwik, mangaan, bariet en zout. Zie ook Mijnbouw in China.
In China zijn Speciaal Economische Zones opgericht, waar meer vrijheid van handel is.
China heeft een divers klimaat, gaande van warm gematigde klimaten, zoals het chinaklimaat in het zuiden tot specifieke gebergte- en woestijnklimaten in het westen en noorden. In het algemeen is het er nat in de zomer en droog in de winter. Er zijn grote regionale verschillen tussen de hooglanden van Tibet waar zich eeuwige sneeuw (E-klimaat) bevindt, de woestijn en de steppen van Sinkiang en Binnen-Mongolië (B-klimaten), en in het vasteland van China. Het noorden van China is algemeen droger dan het midden en het zuiden van het land.
De Nederlandse woorden China en Sino- stammen uit de Chinese woorden 秦 (qin1) of Qin-dynastie. Ze worden via verschillende talen langs de Zijderoute naar Europa overgedragen.
Tijdens de Chinees-Japanse oorlogen, werd China "Shina" (支那) genoemd wat een Japans scheldwoord was voor China. In het Chinees wordt 支那 enkel gebruikt om te verwijzen naar de andere gebieden die door Japan werden ingenomen zoals "Indochina" (印度支那).
Zhōng guó (中国) betekent 'Het Rijk van het Midden'.
Thee speelt in heel China een belangrijke rol. Thee heeft veel positieve eigenschappen voor de gezondheid. In Peking bevinden zich veel theehuizen, waar verschillende soorten thee kunnen worden gedronken, op de traditionele manier bereid.
In Peking worden de gerechten bereid volgens de Mandarijnse keuken. Pekingeend is een lokaal beroemd gerecht, dat inmiddels over de gehele wereld in Chinese restaurants kan worden gegeten. Een ander bekend gerecht is het Manhan Quanxi ("Mantsjoe-Han-chinees banket"), wat een traditioneel banket is van de Mantsjoekeizers van de Qing-dynastie; ook tegenwoordig blijft het copieus (en zeer prijzig).
Er zijn diverse regionale variaties.
| Bronnen, noten en/of referenties: |
|
| Zie ook de Atlas van Volksrepubliek China op Wikimedia Commons. |
| Meer afbeeldingen die bij dit onderwerp horen, zijn te vinden op de pagina China op Wikimedia Commons. |
| Bestuurlijke indeling Volksrepubliek China | ||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
|
| Landen in Azië |
|---|
|
Afghanistan · Armenië · Azerbeidzjan · Bahrein · Bangladesh · Bhutan · Brunei · Cambodja · China · Cyprus · Egypte · Filipijnen · Georgië · India · Indonesië · Irak · Iran · Israël · Japan · Jemen · Jordanië · Kazachstan · Kirgizië · Koeweit · Laos · Libanon · Maldiven · Maleisië · Mongolië · Myanmar · Nepal · Noord-Korea · Oezbekistan · Oman · Oost-Timor · Pakistan · Qatar · Rusland · Saoedi-Arabië · Singapore · Sri Lanka · Syrië · Tadzjikistan · Taiwan · Thailand · Turkmenistan · Verenigde Arabische Emiraten · Vietnam · Zuid-Korea |