De Griek Zeno van Elea (ca. 490 v. Christus - ca. 430 v. Christus) wordt beschouwd als de grondlegger van de dialectiek.
Hij bedacht allerlei argumenten om de uitspraken van Parmenides -over de onmogelijkheid van verscheidenheid en verandering- te verdedigen.
Beroemd -en berucht- zijn zijn uiteenzettingen over de onmogelijkheid van beweging, zoals Achilles en de schildpad en de vliegende pijl.