Zilver is een scheikundig element met symbool Ag en atoomnummer 47. Het is een zilverkleurig overgangsmetaal.
Inhoud |
Zilver wordt al van voor het begin van onze jaartelling gebruikt voor versiersels en als betaalmiddelen. Uit opgravingen blijkt dat al 4000-3500 v.Chr. zilver werd gescheiden van lood op eilanden in de Egeïsche Zee en Anatolië. Vaak werd zilver geassocieërd met de maan, de zee en verschillende goden. In de alchemie werd voor zilver het symbool van een halve maan gebruikt en alchemisten noemden het Luna. Van het metaal kwik werd gedacht dat het een soort zilver was. In sommige talen blijkt dat nog uit de naam die kwik heeft zoals quicksilver in het Engels of kwikzilver (= levend zilver) in wat ouder Nederlands. Veel later bleek het om twee volstrekt verschillende elementen te gaan.
De naam zilver leidt via het Althochdeutsch silabar van de germaanse wortel silubra. In het Latijn heet zilver argentum, waar zilver het symbool Ag aan dankt.
Zilver staat tegenwoordig symbool voor de tweede plaats in wedstrijden, en voor 25-jarige jubilea.
Tegenwoordig wordt zilver vooral als zilverhalogeniden in de fotografie gebruikt. Andere toepassingen van zilver zijn:
Een zeer opmerkelijke toepassing van zilver is als zilverjodide dat fijn verneveld wordt gebruikt om mist te reduceren rondom vliegvelden.
Zilver is een eenvoudig te bewerken metaal dat iets harder is dan goud en beschikt over een zilverwitte glans. Zilver heeft van alle metalen de beste elektrische geleidbaarheid. Zilver geleidt zelfs beter dan goud of koper. Goud wordt daarentegen vaker gebruikt omdat het niet corrodeert. Daarnaast geleidt zilver van alle metalen warmte het best en heeft het de hoogste optische reflectie (tenminste als het zichtbaar licht betreft; ultraviolet licht reflecteert het slecht). Zilverhalogeniden zijn gevoelig voor licht.
Het smeltpunt van zilver is 961.78°C (1234.93 K) of 1763.2°F. Kookpunt van zilver is 2162°C (2434 K) of 3924°F.
In de natuur komt zilver zowel ongebonden als in combinatie met lood, zwavel, arsenicum, chloor en andere elementen voor. De belangrijkste bronnen zijn te vinden in Mexico, Canada, Peru en de Verenigde Staten.
In het verleden kon de ontdekking van zilver de start zijn van een opstoot van Zilverkoorts.
| Meest stabiele isotopen | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| Iso | RA (%) | Halveringstijd | VV | VE (MeV) | VP |
| 107Ag | 51,839 | stabiel met 60 neutronen | |||
| 108Ag | syn | 418 j | EV | 2,027 | 108Pd |
| 109Ag | 48,161 | stabiel met 62 neutronen | |||
Van zilver komen er in de natuur twee stabiele isotopen (107Ag en 109Ag) voor in ongeveer gelijke verhouding. Daarnaast zijn er ongeveer 28 radioactieve isotopen bekend met halfwaardetijden variërend van enkele honderden jaren tot enkele minuten.
Zilver staat in het periodiek systeem in de zelfde groep als koper. Net als koper heeft ook zilver de valenties 1+ en 2+, naast metallisch zilver. In tegenstelling tot koper, dat standaard als tweewaardig ion voorkomt, is het meest voorkomende zilver-ion de éénwaardige vorm. De tweewaardige vorm is alleen stabiel naast zeer sterke oxidatoren, bijvoorbeeld in zilver(II)fluoride. In de complexometrie is zilver een metaal dat twee liganden kan binden, bijvoorbeeld in AgCl2–.
Metallisch zilver is niet schadelijk maar veel zilver bevattende verbindingen zijn wel giftig en kunnen kankerverwekkend zijn. Sommige zilververbindingen kunnen de ziekte argyrie veroorzaken die permanente grijze of zwarte vlekken veroorzaakt op de huid. Hoewel dat niet schadelijk is, wordt een lijder hier niet aantrekkelijker op.
| Chemische elementen en isotopen |
|---|
|
Periodiek systeem: Standaard · Alternatief · Elektronenconfiguratie |